OP TUIN 20 TUINIERDEN IRMA EN WILLEM AARNOUTSE TOT HERFST 2015




Alhoewel er geen postbode voorbij komt, toch een huisnummer

'We zijn begonnen met één kist'


Toen ze dertig jaar geleden voor het eerst hun tuin opliepen, betraden ze leeg land. Geen huisje, geen grasspriet, niets. Zij en haar Wim zetten er een houten kist neer, midden in hun veldje. Dat was het begin. Konden ze ten minste hun spulletjes droog houden.

Irma Aarnoutse (1940) vertelt over haar eerste ervaringen op het tuincomplex alsof het gisteren was. Ze herinnert zich dat er op het hele terrein nog maar drie tuinhuisjes stonden. 'Je kon van de ene kant naar de andere kant kijken, zo weinig stond er', vertelt ze in haar huisje, dat nu omringd is door riet, heg, bloemen en bomen. In dertig jaar tijd is hun perceel veranderd van bar land tot een weelderig privé-domein.

Dat Wim en zij er zitten, is aan haar te danken. Ze las een advertentie waarin belangstellenden werd uitgenodigd om rond te kijken op het nieuwe volkstuincomplex. 'Dit is de manier om weg te komen van ons huis, en het drukke bestaan, dacht ik.' Als scheepsbevrachter was Wim zeven dagen per week in touw. Dag en nacht zat hij bij de telefoon. En zij ging vanzelf deel uit maken van de bedrijvigheid die zich thuis afspeelde. Irma besloot Wim mee te lokken naar het tuincomplex. Hij wist van niets.

'Toen hij het zag, stond hij er direct positief tegenover', zegt ze. 'Die lege tuin lonkte, daar was geen telefoon en geen werk. Als je met aarde werkt, krijgt je hoofd rust. Nou je ziet het, we zijn er nóg. We voelen het iedere dag weer: ons huisje is een doel om naar toe te gaan. Dáár is iets, iets van ons'.

Irma heeft zóveel zien veranderen. De tuinen in de eerste plaats. Maar er zijn ook bomen gekomen, kassen, een kantine. Het lege land is volgroeid. 'Er is hier héél hard gewerkt, door iedereen.' Maar de grootste verandering noemt ze de mensen. Irma: 'De volkstuinder is overgegaan in de recreant. De moestuin verdwijnt, de tuin is er tegenwoordig om uit te rusten. De samenstelling van de bewoners is gevarieerder dan in het begin. Er zijn nu ook alleenstaande vrouwen, jonge stellen en kunstenaars. De sfeer is veranderd, net als de mentaliteit. Ik voel me hier erg op mijn gemak.'

 Tekst:  Frits Baarda, 2004       Foto's en fotobijschriften: Willem Aarnoutse